De Online Race Group Coaching start 6 september. Zet je op de early-bird-lijst

De laatste week voor je race: carb loading zonder buikklachten

De laatste week voor je race: carb loading zonder buikklachten
← Terug naar alle inzichten
Jan Willem den HollanderMarinda den Hollander
Jan Willem & Marinda
Performance by Design

Onderdeel van Hybrid Racing

De pastaparty de avond voor een race is een sociaal ritueel geworden: drie borden pasta, brood met kruidenboter, een biertje omdat het er nu eenmaal bij hoort. De volgende ochtend sta je met een bol gevoel aan de start en vraag je je af waarom je benen zwaar aanvoelen. Hetzelfde effect ken je van een uitgebreid familiediner: je gaat vol naar bed, slaapt onrustig en bent de volgende dag niet scherp. Glycogeen aanvullen werkt, en de manier waarop je het doet bepaalt of je er iets aan hebt of alleen een gevulde darm.

Heeft je race deze voorbereiding nodig?

Carb loading is ontwikkeld voor inspanning die de glycogeenvoorraad echt leegtrekt. Thomas en collega's (2016) trekken de grens rond 90 minuten aaneengesloten inspanning. Een marathon, een lange triatlon, een gravelrit van vier uur: daar loopt de voorraad tegen zijn limiet aan en levert extra opslag winst.

Een hybride race duurt voor de meeste deelnemers 60 tot 100 minuten. Daar zit je op de grens, en de grootste beperking is meestal niet je glycogeen. Het is je vermogen om na de sled push nog te lopen, je grip bij de farmers carry, je ademhaling in de wall balls. Een gewone koolhydraatrijke laatste dag met minder vezels en minder vet doet daar het werk. Extra stapelen levert vooral een zwaardere buik op de eerste 1000 meter.

Extra stapelen voor een race van een uur levert vooral een zwaardere buik op de eerste 1000 meter.

Ook buiten de sport geldt de logica: een lange dag op de been, een verhuizing, een festival met tien kilometer wandelen, dat vraagt regelmatig eten en drinken, geen stapelprotocol. Wil je het complete plaatje van eiwit, brandstof en vocht voor hybride werk, lees dan de complete gids over sportvoeding voor hybride sporters.

Beslisregel: langer dan 90 minuten aaneengesloten hard werken, dan laad je. Tussen 60 en 100 minuten met stations en pauzes, dan eet je de laatste 24 uur koolhydraatrijk en licht verteerbaar. Korter dan een uur, dan is een normale dag met een vertrouwde maaltijd vooraf genoeg. Heb je diabetes of gebruik je medicatie die je bloedsuiker beïnvloedt, stem een koolhydraatrijk protocol dan af met je arts of diëtist.

Het protocol als je wel laadt

Thomas en collega's (2016) beschrijven de klassieke variant: 36 tot 48 uur met 10 tot 12 gram koolhydraten per kilo lichaamsgewicht per dag, in combinatie met rust of zeer lichte activiteit. Die rust is geen bijzaak. Elke training die je in die 48 uur nog doet, verbruikt precies wat je probeert op te slaan.

Bussau en collega's (2002) lieten zien dat het korter kan. Eén dag met 10 gram per kilo bij rust vulde de spierglycogeenvoorraad al maximaal. Dat is praktisch nieuws: je hoeft niet twee dagen door te eten en je kunt de laatste 24 uur benutten.

Rekenvoorbeeld voor iemand van 70 kilo. Bij 10 gram per kilo kom je op 700 gram koolhydraten in één dag. Bij 12 gram per kilo op 840 gram. Dat is meer dan het lijkt: 700 gram betekent bijvoorbeeld vier tot vijf koolhydraatrijke maaltijden plus vloeibare koolhydraten en fruit zonder schil. Vaste, vezelrijke kost haalt die getallen niet zonder dat je buik protesteert. Witte rijst, witte pasta, aardappel zonder schil, wit brood, honing, sportdrank, banaan, appelmoes: dat is het gereedschap voor deze ene dag.

Elke gram glycogeen bindt ongeveer 3 gram water. Je weegt op de racedag daarom 1 tot 2 kilo meer dan gewoonlijk. Dat is het bewijs dat het protocol gewerkt heeft. Wie in die dagen op de weegschaal staat en schrikt, kan zichzelf uit een goede voorbereiding praten. Laat de weegschaal in de laatste 48 uur staan, met één uitzondering: het wegen voor en na een training om je zweetverlies te schatten, en dat doe je in de weken ervoor.

De week ervoor: minder trainen, gelijk blijven eten

In de laatste week gaat het trainingsvolume omlaag. De intensiteit houd je deels vast met korte prikkels, het totale werk halveert ongeveer. Dat is de standaardlogica van elke taper, en die vind je terug in het trainingsschema van twaalf weken.

De veelgemaakte fout: het volume gaat omlaag en de koolhydraten gaan mee omlaag, omdat je "minder verbruikt". Precies het omgekeerde is nuttig. Houd je koolhydraten gelijk of breng ze iets omhoog, want de voorraad vult zich alleen als er aanvoer is en je spieren rust hebben. Thomas en collega's (2016) geven als kader 6 tot 10 gram per kilo per dag bij één tot drie uur training per dag, en 5 tot 7 gram per kilo bij ongeveer een uur per dag. Zit je normaal op 5 tot 6, dan is 6 tot 7 in de taperweek een logische stap. Voor 70 kilo: van rond 400 naar rond 470 gram per dag.

Eiwit blijft op peil, niet omlaag. Voor wie regelmatig traint ligt de bandbreedte op 1,4 tot 2,0 gram per kilo per dag, waarbij de winst voor spiermassa en kracht rond 1,6 gram per kilo afvlakt. Praktisch: 30 tot 50 gram per maaltijd, verdeeld over drie tot vier maaltijden. Voor 70 kilo betekent 1,6 gram per kilo ongeveer 112 gram eiwit, dus drie maaltijden van 35 tot 40 gram. Dat past prima binnen een eetraam van acht tot tien uur.

Op de laadag zelf schuift de verhouding: koolhydraten domineren, eiwit zakt naar een normale ondergrens en vet gaat omlaag omdat het je maaglediging vertraagt en ruimte inneemt die je nodig hebt voor koolhydraten. Eén dag lager eiwit kost je geen spier.

De laatste 24 uur

Vanaf hier is het doel simpel: veel koolhydraten in, zo weinig mogelijk restvolume in je darm. Dat vraagt drie aanpassingen.

  • Vezels omlaag. Volkoren, bonen, linzen, kool, broccoli, ui, grote hoeveelheden rauwe groente en veel fruit met schil: die schuif je naar na de race. Welke voedingsmiddelen in de praktijk het meeste gas geven en hoe je het per dag aanpakt, staat in het stuk over vezels en FODMAPs in de dagen voor je race.

  • Vet omlaag. Room, kaas, gefrituurd eten, vette sauzen en grote porties noten vertragen de vertering. Kies witte rijst met mager vlees of vis boven een pizza met vier soorten kaas.

  • Vertrouwde producten. Niets nieuws, geen restaurant met onbekende bereiding, geen kruiden of scherpe sauzen die je zelden eet. Als je op reis bent, neem je je eigen basis mee.

Vocht en zout horen bij dezelfde 24 uur. Drink verspreid over de dag en gebruik je urinekleur als grove check. Zoutinname met de maaltijden helpt bij het vasthouden van vocht, en dat is vooral relevant bij een warme racedag of bij wie zichtbaar zout zweet, te herkennen aan witte strepen op je kleding. Tijdens inspanning in de warmte ligt 300 tot 600 mg natrium per uur in de goede orde, aan te passen aan je eigen zweetverlies. Hoe je dat verlies schat en waarom overdrinken riskanter is dan te weinig drinken, staat uitgewerkt bij natrium, vocht en zweetverlies. Kort: de zweetproductie ligt bij de meeste sporters tussen 0,5 en 2 liter per uur en het natriumgehalte gemiddeld rond 1 gram per liter, met een enorme spreiding.

Slaap is de laatste variabele die je nog kunt beïnvloeden, en de nacht twee nachten voor de race weegt zwaarder dan de nacht ervoor. Die laatste nacht is bij veel mensen kort door de spanning en het vroege alarm. Bouw daarom in de hele week een vast ritme op; de achtergrond vind je in de gids over slaap voor sporters. Cafeïne heeft een halfwaardetijd van vijf tot zes uur, dus een espresso na het avondeten op de dag voor de race werkt tegen je.

De maaltijd voor de start

Thomas en collega's (2016) geven het raam: één tot vier uur voor de inspanning, 1 tot 4 gram koolhydraten per kilo, weinig vezels, weinig vet, beperkt eiwit. Voor 70 kilo is dat 70 tot 280 gram koolhydraten. Hoe verder van de start, hoe groter de portie kan zijn.

Bij een ochtendstart om 9:00 uur eet je rond 6:00 tot 6:30 uur je eerste maaltijd, met ongeveer 2 gram per kilo. Voor 70 kilo: 140 gram koolhydraten, bijvoorbeeld witte rijst of witte pasta van de avond ervoor met honing, een banaan en een glas sportdrank, of wit brood met jam en een rijstepap gemaakt op water. Een uur voor de start eventueel nog 30 tot 50 gram in vloeibare vorm.

Bij een middagstart om 14:00 uur werk je met twee momenten: een grotere maaltijd rond 10:00 uur met 2 tot 3 gram per kilo, en een kleine, licht verteerbare aanvulling rond 12:30 uur met 0,5 tot 1 gram per kilo. Zo start je met een gevulde voorraad en een lege maag. Wat je verder in je racedagplanning wilt regelen, van warming-up tot de indeling van je stations, staat in de complete gids voor hybride racen.

Cafeïne past hier ook, als je het gewend bent: 3 tot 6 mg per kilo ongeveer een uur voor de start, en 2 tot 3 mg per kilo werkt eveneens. Voor 70 kilo is dat 210 tot 420 mg in de hoge dosering. Boven 9 mg per kilo krijg je geen extra prestatie en wel meer onrust en darmklachten.

Hybrid Racing

Wil je sneller over de finish bij je volgende race?

Voor HYROX- en DEKA-atleten die weten dat er meer in zit. We bouwen je race op vanuit de energiesystemen die hem daadwerkelijk bepalen.

  • Je eerste helft voelt goed, je tweede helft is overleven
  • Je hardloopsplits lopen op terwijl je kracht nog prima is
  • Je bent moe op rustdagen en je HRV zakt weg
Bekijk Hybrid Racing

Liever eerst even praten? Plan een gratis kennismaking

Tijdens de race

Bij 60 tot 100 minuten met stations is eten onderweg lastig. De brandstof komt uit de dagen en uren ervoor, met eventueel een gel of enkele slokken sportdrank in de eerste helft of in de roxzone. Voor inspanning van 1 tot 2,5 uur is 30 tot 60 gram koolhydraten per uur het kader. De volledige uitwerking per racelengte staat bij koolhydraten per uur en het trainen van je darm.

Eén regel staat boven alles: niets nieuws op de racedag. Jeukendrup (2017) beschreef dat de darm zich binnen ongeveer twee weken aanpast aan herhaalde koolhydraatinname tijdens training, en dat tolerantie en opname toenemen als je in trainingen exact dezelfde producten en hoeveelheden gebruikt als op de racedag. Oefen dat in minstens zes tot acht sleuteltrainingen. Ook je laadag en je racemaaltijd horen minstens één keer geoefend te zijn, bijvoorbeeld voor een lange trainingsdag of een testrace.

Fouten die we op elke racedag zien

  • Stapelen voor een race van een uur. Twee dagen 10 gram per kilo voor 65 minuten werk geeft je een zware buik en geen extra tijdwinst.

  • Nieuwe producten uitproberen. De gel uit het startpakket, een onbekend merk sportdrank, een gerecht in een restaurant dat je nooit eet. Je darm heeft twee weken nodig om te wennen, geen twee uur.

  • Te veel vezels de laatste dag. Volkorenpasta, een grote salade en een bak linzen zijn prima voeding en verkeerde timing.

  • Te weinig zout bij hitte. Wie 1,5 liter per uur zweet en alleen water drinkt, vult wel het volume aan en niet het natrium. Bij lange inspanning in de warmte is 300 tot 600 mg natrium per uur een redelijk startpunt.

  • Nuchter starten uit gewoonte. Trainen zonder eten past bij rustige duurtraining en techniekwerk. Bij een race presteer je gevoed beter.

  • Te veel drinken uit angst. Een verlies van ongeveer 2 procent lichaamsgewicht is voor de meeste inspanningen acceptabel, en drinken op dorst is het veiligste uitgangspunt. Overdrinken verlaagt je natrium en dat los je niet op met een zoutdrank.

Een schema voor de laatste drie dagen

Uitgangspunt: iemand van 70 kilo, race op zondagochtend, hybride afstand van ongeveer 75 minuten.

  • Donderdag: laatste stevige sessie, kort en scherp. Koolhydraten rond 6 gram per kilo, dus ongeveer 420 gram. Eiwit rond 1,6 gram per kilo, ongeveer 110 gram. Normale vezelinname. Ruim drinken.

  • Vrijdag: rustige beweging of rust. Koolhydraten 6 tot 7 gram per kilo, 420 tot 490 gram. Vezels langzaam omlaag. Geen alcohol. Slaapritme vast, telefoon uit het slaapkamer.

  • Zaterdag: rust of tien minuten losmaken met wat activaties. Koolhydraten 8 tot 10 gram per kilo, 560 tot 700 gram, verdeeld over vier tot vijf momenten en deels vloeibaar. Vezels laag, vet laag, eiwit rond 1,2 tot 1,4 gram per kilo. Zout bij elke maaltijd. Laatste maaltijd rond 18:00 tot 19:00 uur en niet te groot. Spullen klaarleggen, racevoeding afwegen.

  • Zondag, racedag: eerste maaltijd drie uur voor de start met ongeveer 2 gram per kilo, dus 140 gram koolhydraten. Cafeïne een uur vooraf als je dat gewend bent. Vanaf 45 minuten voor de start alleen kleine slokken. Tijdens de race 30 tot 60 gram koolhydraten per uur waar het kan.

  • Na de finish: koolhydraten en eiwit binnen enkele uren. Sta je dezelfde dag nog een keer aan de start of doe je een tweede onderdeel, dan mik je op 1 tot 1,2 gram koolhydraten per kilo per uur in de eerste vier uur, dus 70 tot 84 gram per uur voor 70 kilo. Anders volstaat een gewone maaltijd binnen je eetraam.

Wanneer begeleiding zin heeft

De getallen in dit stuk zijn een kader, en jouw darm, zweetverlies en racedagritme zijn dat niet. Wij bouwen het plan meestal om drie dingen: je werkelijke zweetverlies uit weegmetingen, je tolerantie voor koolhydraten per uur uit sleuteltrainingen, en de praktische puzzel van je eetraam rond een start om 8:40 of om 15:20. Daarnaast kijken we naar bloedwaarden die je energie en herstel raken, zoals ferritine, vitamine D en hs-CRP, omdat een lage voorraad ijzer je racedag al weken eerder bepaalt.

Bij tekenen van te weinig energie, denk aan een menstruatie die wegblijft, herstel dat niet komt of steeds terugkerende luchtweginfecties, is een strak eetraam of een nuchtere sessie niet het gereedschap. Dan gaat er eerst energie bij. Bij nierziekte, diabetes, een eetstoornis of medicatie hoort dit soort voedingsadvies bij je arts of diëtist.

Wil je weten hoe dit voor jou uitpakt, bekijk dan onze aanpak voor hybride racen of plan een kennismaking van 15 minuten. We nemen je laatste race door en kijken waar de winst zit.

Veelgestelde vragen

Moet ik carb loaden voor een race van 70 minuten?

Nee. Voor 60 tot 100 minuten volstaat een normale koolhydraatrijke laatste dag met minder vezels en minder vet. Het stapelprotocol van 10 tot 12 gram per kilo per dag is bedoeld voor inspanning langer dan 90 minuten, in combinatie met rust.

Waarom ben ik zwaarder na het laden?

Elke gram glycogeen bindt ongeveer 3 gram water. Een toename van 1 tot 2 kilo is normaal en een teken dat je voorraad gevuld is. Dat water werkt tijdens de race in je voordeel, omdat het beschikbaar komt als je glycogeen verbrandt.

Kan ik carb loaden binnen een eetraam van acht tot tien uur?

Voor een gewone koolhydraatrijke dag lukt dat goed met drie tot vier maaltijden en wat vloeibare koolhydraten. Wil je 10 gram per kilo halen, dus 700 gram voor 70 kilo, dan is een ruimer eetraam op die ene dag praktischer. Het raam is een gereedschap voor je hele jaar, geen regel die je racedag moet dicteren.

Hoeveel koolhydraten neem ik in de laatste uren voor de start?

Eén tot vier uur vooraf 1 tot 4 gram per kilo, met weinig vezels, vet en eiwit. Voor 70 kilo is dat 70 tot 280 gram. Drie uur vooraf een portie van rond 2 gram per kilo en daarna eventueel 30 tot 50 gram in vloeibare vorm werkt voor de meeste mensen goed.

Ik krijg altijd buikklachten in een race. Wat probeer ik eerst?

Begin bij de laatste 24 uur: vezels, vet en gasvormende voeding omlaag, en alleen producten die je kent. Werk daarna aan je darm door in trainingen dezelfde voeding en hoeveelheden te gebruiken als op de racedag. Jeukendrup (2017) liet zien dat tolerantie en opname binnen ongeveer twee weken toenemen met die herhaling. Oefen het in zes tot acht sleuteltrainingen voor je race.

Bronnen

  1. Bussau VA e.a. Carbohydrate loading in human muscle: an improved 1 day protocol. European Journal of Applied Physiology, 2002;87:290-295. Bekijk de studie
  2. Thomas DT, Erdman KA, Burke LM. Position of the Academy of Nutrition and Dietetics, Dietitians of Canada, and the American College of Sports Medicine: Nutrition and Athletic Performance. Journal of the Academy of Nutrition and Dietetics, 2016;116:501-528. Bekijk de studie
  3. Jeukendrup AE. Training the Gut for Athletes. Sports Medicine, 2017;47(Suppl 1):101-110. Bekijk de studie

Bekijk ook onze video's

Passend bij dit onderwerp.

ShortVoeding & fastingTraining

Verhoog je metabolisme met koude training. #koudetraining #performancebydesign

Voeding & fasting

Welke voeding geeft energie?

Welke voeding geeft jou energie — en welke kun je beter laten staan? In deze video kort en bondig antwoord op een vraag die ik vaak krijg.

Alle video's →
Hybrid Racing

Wil je sneller over de finish bij je volgende race?

Voor HYROX- en DEKA-atleten die weten dat er meer in zit. We bouwen je race op vanuit de energiesystemen die hem daadwerkelijk bepalen.

Bekijk Hybrid RacingLiever eerst even praten? Plan een gratis kennismaking