De Online Race Group Coaching start 6 september. Zet je op de early-bird-lijst
Complete gids

Darmklachten bij sporters: waarom je darm het eerst opgeeft en wat je eraan doet

Darmklachten bij sporters: waarom je darm het eerst opgeeft en wat je eraan doet
← Terug naar alle inzichten
Jan Willem den HollanderMarinda den Hollander
Jan Willem & Marinda
Performance by Design

Onderdeel van Longevity

Het korte antwoord

De buik die begint te rommelen in de auto op weg naar een gesprek, of de kramp die opkomt vlak voordat je voor een zaal moet staan: dat is hetzelfde systeem dat je op kilometer acht richting de bosrand stuurt. Bij inspanning verplaatst je lichaam bloed naar spieren en huid, en de doorbloeding van je darm kan bij hoge intensiteit met 60 tot 80 procent afnemen. Darmcellen krijgen daardoor minder zuurstof, de darmwand wordt tijdelijk doorlaatbaar en dat merk je als misselijkheid, krampen, aandrang of een maag die stilstaat. Dit is grotendeels te trainen, te voeden en te plannen, en de mate waarin je er last van hebt vertelt je iets over je slaap, je energie-inname en je belasting van de afgelopen weken.

Hoe vaak het voorkomt en bij wie

Darmklachten tijdens sport zijn eerder regel dan uitzondering. In het overzicht van de Oliveira en collega's (2014) meldt 30 tot 50 procent van de duursporters klachten tijdens inspanning. Bij ultralopen loopt dat op tot 60 tot 90 procent. Costa en collega's (2017) komen in hun systematische review tot vergelijkbare getallen en beschrijven het geheel als een syndroom met een herkenbaar mechanisme.

De sport bepaalt welk type klachten je krijgt. Hardlopen geeft meer klachten van de lagere darm: aandrang, krampen, diarree. Dat komt door het schokken, waarbij de darminhoud letterlijk wordt opgeschud en de buikinhoud mechanisch wordt belast. Fietsen geeft minder van die onderste klachten, deels door de stabiele positie, deels doordat de romp minder verticale belasting krijgt. De bovenste klachten, misselijkheid, boeren, zuurbranden en een vol gevoel, spelen bij beide sporten. Bij fietsers speelt de voorovergebogen houding mee, die druk geeft op de maagstreek.

Wat opvalt in de praktijk: mensen accepteren dit jarenlang als iets wat erbij hoort. Pugh en collega's (2018) pleiten er in een kort en scherp stuk voor om darmklachten bij sporters te behandelen als prestatiebeperkende factor. Wie halverwege een wedstrijd stopt met eten en drinken omdat de maag het niet aankan, loopt daarna tegen een tekort aan brandstof en vocht aan. De tijdsverlies-rekensom is dan simpel. Ook buiten wedstrijden telt het: als je na elke intensieve training twee uur een opgeblazen buik hebt, eet je waarschijnlijk minder en herstel je trager.

Wie halverwege een wedstrijd stopt met eten en drinken omdat de maag het niet aankan, loopt daarna tegen een tekort aan brandstof en vocht aan.

Wat er in je darm gebeurt bij inspanning

Je bloedvolume is eindig. Zodra je hard gaat werken, verdeelt je lichaam dat volume opnieuw: meer naar de werkende spieren, meer naar de huid om warmte kwijt te raken, minder naar organen die op dat moment even kunnen wachten. De darm staat vooraan in die rij van organen die inleveren. Costa en collega's (2017) beschrijven dit als de kern van wat zij het exercise-induced gastrointestinal syndrome noemen: verminderde doorbloeding van het darmgebied bij hoge intensiteit, tot 60 tot 80 procent minder.

Darmcellen zijn energievretende cellen die zich elke paar dagen vernieuwen. Bij zuurstoftekort raken de verbindingen tussen die cellen losser. De darmwand wordt doorlaatbaarder en bacteriële bestanddelen uit de darminhoud, waaronder endotoxinen zoals LPS, kunnen in kleine hoeveelheden de bloedbaan bereiken. Je immuunsysteem reageert daarop met een ontstekingsreactie. Dat verklaart waarom je na een zware, lange inspanning niet alleen moe bent in je benen, en waarom sommige mensen zich na een wedstrijd grieperig voelen zonder ziek te zijn.

Er speelt een tweede route mee. Je stresssysteem, de sympathicus, zet tijdens inspanning de rem op de maaglediging en op de darmbeweging. Je maag wordt trager, wat je proeft als een gel die blijft hangen en drank die klotst. Tegelijk kan lager in de darm de doorstroming juist versnellen, wat aandrang geeft. Dat die twee tegelijk gebeuren voelt verwarrend en klopt fysiologisch prima.

Dat dit geen kwestie is van een zwakke darm blijkt uit het werk van van Wijck en collega's (2011). Zij lieten gezonde, getrainde mannen een uur fietsen op 70 procent van hun maximale vermogen. De doorbloeding van het darmgebied nam af, de doorlaatbaarheid van de darm nam toe en I-FABP steeg in het bloed, een marker die vrijkomt bij schade aan darmcellen. Eén uur stevig fietsen bij gezonde mensen is genoeg. Wat je daaruit meeneemt: iedereen die intensief traint krijgt deze prikkel, en de vraag is vooral hoe goed en hoe snel je hem opruimt.

De achtergrond van een doorlaatbare darmwand werken we uit in het stuk over het werkingsmechanisme van een lekkende darm. Wat er na een maaltijd in je bloed gebeurt aan tijdelijke ontstekingsactiviteit staat beschreven in het stuk over de postprandiale ontstekingsreactie. Die twee stapelen: een zware training bovenop een maaltijd die zelf al veel vraagt van je systeem geeft een grotere piek dan elk van beide apart.

De versterkers

Het mechanisme is bij iedereen hetzelfde. Wat verschilt is hoeveel je er bovenop stapelt. Dit zijn de factoren die in de literatuur consistent terugkomen als versterkers van darmschade en klachten:

  • Intensiteit: hoe hoger het percentage van je maximale vermogen of tempo, hoe sterker de doorbloeding van de darm afneemt. Intervallen en een te snelle start doen meer dan een rustige duurloop.

  • Duur: boven ongeveer twee uur nemen de klachten sterk toe. Dat is ook het punt waarop je meer moet eten en drinken, precies wanneer je darm het minst aankan.

  • Hitte: bij een kerntemperatuur boven ongeveer 39 graden gaat er extra bloed naar de huid en blijft er minder over voor de darm. Warme wedstrijden geven aantoonbaar meer klachten.

  • Uitdroging: minder plasmavolume betekent minder doorbloeding van alles wat niet direct meedoet. Twee procent vochtverlies is al merkbaar.

  • De maaltijd vlak voor de start: veel vezels, veel vet of veel eiwit vlak voor vertrek vertraagt de maaglediging en geeft massa in de darm die je meesleept.

  • Te geconcentreerde sportdrank: boven ongeveer 8 tot 10 procent koolhydraten trekt de drank vocht de darm in en blijft hij langer in de maag hangen.

  • Fructose alleen in grote hoeveelheden: de opnamecapaciteit voor losse fructose is beperkt. Wat niet wordt opgenomen fermenteert verderop.

  • NSAID's zoals ibuprofen: die vergroten de darmschade aantoonbaar en zijn vóór een race af te raden.

  • Zenuwen: de stressrespons voor de start is echt en fysiek. Dezelfde route die je buik laat opspelen voor een presentatie.

  • Lactose en cafeïne bij gevoelige mensen: grote hoeveelheden cafeïne versnellen bij sommigen de darmpassage, lactose geeft bij een deel van de mensen gasvorming.

Zelden is er één schuldige. Meestal is het een stapeling: slecht geslapen, gehaast gegeten, te snel gestart, warme dag, nieuwe gel. Haal er twee weg en het probleem is vaak grotendeels verdwenen.

De klachten en wat ze betekenen

Het loont om je klachten in twee groepen te sorteren, omdat de oorzaak en de oplossing verschillen.

Klachten van de bovenste darm

Misselijkheid, boeren, zuurbranden, een vol gevoel, het idee dat drank blijft klotsen. Dit wijst meestal op vertraagde maaglediging. Oorzaken: te hoge intensiteit, een te grote of te vette maaltijd te kort voor de start, te geconcentreerde drank, te veel in één keer drinken, of een voorovergebogen houding. De aanpak zit in timing, samenstelling en concentratie, en in het tempo van de eerste kilometers.

Klachten van de lagere darm

Aandrang, krampen, winderigheid, dunne ontlasting tijdens of vlak na inspanning. Dit wijst eerder op mechanische belasting door schokken, op restanten in de darm die er nog niet uit waren, op fermenteerbare koolhydraten die niet zijn opgenomen, en op de versnelde passage door het stresssysteem. De aanpak zit in wat je de laatste 24 tot 48 uur eet, in de timing van je laatste maaltijd, en in de samenstelling van wat je onderweg gebruikt.

De patronen lopen door elkaar heen bij lange inspanning. Een gel die te lang in de maag blijft hangen komt later ongelukkig in de dunne darm terecht en geeft dan onderklachten. Daarom is de volgorde van oplossen: eerst maaglediging en concentratie, dan de dagen ervoor. In het stuk over lopersdiarree en maagklachten tijdens een race lopen we de patronen stap voor stap na.

Je darm trainen

Je darm past zich aan zoals je spieren en je hart dat doen. Jeukendrup (2017) beschrijft in zijn overzicht over het trainen van de darm dat de opnamecapaciteit voor koolhydraten toeneemt als je herhaald tijdens inspanning koolhydraten inneemt, en dat tolerantie binnen ongeveer twee weken meetbaar verbetert. De transporteiwitten in de darmwand nemen toe in aantal, de maag went aan volume, en je hoofd went aan het gevoel.

Zo pak je dat concreet aan:

  • Gebruik in training exact wat je op de racedag gebruikt. Zelfde merk, zelfde smaak, zelfde concentratie, zelfde flesje. De racedag is geen moment voor nieuwsgierigheid.

  • Kies je sleuteltrainingen. Eén of twee lange duurtrainingen per week waarin je in wedstrijdtempo of net eronder eet en drinkt volgens plan. Korte hersteltrainingen hoef je niet vol te stoppen.

  • Bouw op. Begin op een hoeveelheid per uur die comfortabel voelt en verhoog stapsgewijs over enkele weken naar je doel. Springen van niets naar veel is de snelste route naar een slechte ervaring.

  • Houd de drankconcentratie onder ongeveer 8 tot 10 procent. Dat betekent in de praktijk: reken uit hoeveel gram koolhydraat er in je bidon gaat en hoeveel vocht erbij hoort.

  • Combineer glucose met fructose. Die twee gebruiken verschillende transportroutes in de darmwand, waardoor je meer per uur kunt opnemen dan met glucose alleen en er minder onopgenomen suiker achterblijft.

  • Train in de omstandigheden van de race. Warm weer, hetzelfde tijdstip, hetzelfde parcoursprofiel. De hitte-component traint mee.

Reken erop dat je twee tot vier weken nodig hebt om een merkbaar verschil te voelen, en dat je die gewenning onderhoudt. Wie drie maanden niets tijdens training eet en dan aan de start staat met een plan van 80 gram per uur, vraagt om problemen. De rekensom van hoeveel je per uur nodig hebt en hoe je dat opbouwt staat in het stuk over koolhydraten per uur tijdens een race.

Eten rond een race

De dagen voor een wedstrijd hebben een ander doel dan de rest van je jaar. Je wilt glycogeen aanvullen en tegelijk zo min mogelijk restmateriaal in je darm hebben op het startmoment. Dat vraagt om een tijdelijke verschuiving.

De laatste 24 tot 48 uur

Breng vezels omlaag. Kies witte rijst, witte pasta, aardappel zonder schil, wit brood als je dat verdraagt, bananen die rijp zijn. Beperk peulvruchten, koolsoorten, ui en knoflook, grote hoeveelheden rauwe groente, noten en zaden. Beperk ook vet en gasvormende voeding. Dit is een tijdelijke maatregel voor twee dagen.

Lis en collega's (2018) lieten in een kleine gecontroleerde studie zien dat zes dagen laag-FODMAP-voeding bij sporters met terugkerende darmklachten de klachten tijdens inspanning verminderde ten opzichte van een hoog-FODMAP-voeding. FODMAP's zijn kortketenige koolhydraten die in de dikke darm fermenteren: fructanen uit tarwe, ui en knoflook, lactose uit melk en zachte kazen, fructose in overmaat uit appel, honing en agave, polyolen uit suikervrije kauwgom en sommige steenvruchten, en galacto-oligosachariden uit peulvruchten. Het bewijs komt uit een kleine studie en past bij wat sporters in de praktijk melden.

De racemaaltijd

Eén tot vier uur voor de start, licht verteerbaar, koolhydraatrijk, arm aan vezels en vet. Hoe dichter bij de start, hoe kleiner en vloeibaarder. Wie vier uur van tevoren eet kan een volwaardige maaltijd aan. Wie anderhalf uur van tevoren eet, houdt het bij iets kleins dat al honderd keer getest is. Test dit in training, inclusief het tijdstip.

Erna weer terug

Laag-FODMAP is een instrument rond wedstrijden. Als dagelijkse voeding werkt het tegen je, omdat vezels en fermenteerbare koolhydraten precies de bacteriën voeden die je darmwand gezond houden. Bouw binnen enkele dagen na de race weer op. De volledige uitwerking van dat schema staat in het stuk over vezels en FODMAP's in de dagen voor je race.

Het microbioom van de sporter

Training verandert je darmflora. Scheiman en collega's (2019) vonden na een marathon meer Veillonella bij lopers, een bacterie die lactaat omzet in propionaat; muizen die deze bacterie kregen liepen langer op een loopband. Clarke en collega's (2014) zagen bij rugbyspelers een diverser microbioom dan bij controlepersonen, samenhangend met hun eiwitinname en hun trainingsvolume. Dit zijn aanwijzingen dat training en voeding je darmflora vormen en dat die flora mogelijk iets bijdraagt aan prestatie. Het is geen bewijs dat een potje met bacteriën dat effect nabootst.

Over supplementen is de positie van de International Society of Sports Nutrition (Jäger en collega's, 2019) helder in zijn nuance: het effect van probiotica is stamspecifiek en dosisafhankelijk. Bepaalde stammen verminderden in studies bij sporters de duur en de ernst van luchtweginfecties en van maag-darmklachten, en enkele verbeterden de opname van voedingsstoffen. Het totale bewijs is bescheiden. Een algemeen advies om probiotica te nemen valt daarmee niet te onderbouwen.

Een algemeen advies om probiotica te nemen valt daarmee niet te onderbouwen.

De basis is voeding: een breed scala aan plantaardige vezels, en dagelijks iets gefermenteerds zoals zuurkool, kefir, yoghurt of miso als je die verdraagt. Diversiteit in je bord vertaalt zich naar diversiteit in je darm. Een supplement is zinvol wanneer je een specifieke stam kiest voor een specifiek doel, en dan start je er minstens twee tot vier weken voor een evenement mee zodat je weet hoe je erop reageert. Wat het onderzoek wel en niet laat zien, staat uitgewerkt in het stuk over probiotica en het microbioom bij sporters.

Darm, immuunsysteem en steeds ziek zijn

Ongeveer 70 procent van je immuunsysteem zit in en rond de darm, in het darmgeassocieerde lymfoïde weefsel. Dat is logisch: de darm is het grootste contactoppervlak met de buitenwereld. Elke keer dat de darmwand doorlaatbaarder wordt en er endotoxinen doorheen komen, krijgt dat immuunsysteem werk. Bij één zware training is dat een normale prikkel. Bij een blok van zes weken hoge belasting met te weinig slaap en te weinig eten stapelt het.

Nieman en Wentz (2019) beschrijven de twee kanten. Regelmatige matige inspanning verbetert de immuunfunctie en verlaagt het risico op infecties. Na zware, lange inspanning daalt een aantal immuunmaten tijdelijk, onder andere IgA in speeksel en het aantal circulerende immuuncellen, en in cohorten van marathonlopers zijn in de weken na de race meer luchtweginfecties gemeld. Campbell en Turner (2018) plaatsen daar een belangrijke kanttekening bij: de daling van cellen in het bloed is grotendeels een verplaatsing naar weefsels waar ze nuttig werk doen, en de klassieke open window-theorie is minder hard dan lang is aangenomen.

Wat overeind blijft in beide lezingen: het risico om ziek te worden hangt samen met de combinatie van zware belasting, te weinig slaap, te weinig energie-inname, reizen, mensenmassa's en stress. Dat is een lijst waar je zelf aan kunt draaien. Herstel van de darmwand kost energie, eiwit, slaap en rust; als je die drie tekortkomt, blijft de darm langer kwetsbaar en blijft je immuunsysteem langer bezig. We werken dit verder uit in het stuk over steeds ziek zijn na hard trainen. De stresskant, inclusief wat cortisol wel en niet vertelt over je belastbaarheid, staat in de complete gids over cortisol bij sporters.

Longevity

Wil je de controle over je gezondheid, gewicht en energie terugpakken?

Voor wie 's middags instort, traag herstelt of merkt dat afvallen niet meer werkt zoals vroeger. We zoeken uit waar dat vandaan komt, zodat jij de controle over je gezondheid, je gewicht en je energie terugpakt.

  • Je stort 's middags in en grijpt naar koffie of suiker
  • Je slaapt zeven uur en wordt niet uitgerust wakker
  • Afvallen werkt niet meer zoals het vroeger werkte
Bekijk Longevity

Liever eerst even praten? Plan een gratis kennismaking

Voeding in de weken en maanden erbuiten

Buiten de wedstrijdperiode draait het om het tegenovergestelde van laag-FODMAP: een darm die goed gevoed wordt en een darmwand die zich kan herstellen. De algemene aanbeveling voor vezels is 30 tot 40 gram per dag. Veel sporters zitten daar structureel onder, omdat hun voeding is opgebouwd rond snel verteerbare koolhydraten en eiwitshakes. Dat is voor de trainingsdag praktisch en voor de darmflora mager.

Concreet betekent dat variatie in vezelbronnen: groente in meerdere kleuren, peulvruchten, volle granen die je verdraagt, noten, zaden, fruit met schil. Verhoog stapsgewijs, want een sprong van 15 naar 35 gram in één week geeft gegarandeerd gasvorming. Voeg dagelijks iets gefermenteerds toe.

Twee voedingsmiddelen komen bij darmklachten steeds terug: tarwe en zuivel. De kPNI-blik daarop is een individuele vraag zonder standaardantwoord. Sommige mensen reageren duidelijk op fructanen in tarwe, anderen op lactose, weer anderen op geen van beide. Testen doe je door een periode weg te laten en daarna bewust opnieuw in te voeren, en te noteren wat er gebeurt met je ontlasting, je energie en je klachten tijdens training. De achtergronden staan in de stukken over granen, gluten en je darmen en over zuivel, ontsteking en herstel. Het bredere kader van hoe wij naar voeding kijken staat in de complete voedingsgids vanuit kPNI.

Denk ook aan de timing van je maaltijden. Werken vanuit een eetraam geeft je darm langere periodes zonder verteringswerk, wat past bij het herstel van de darmwand. Plan je eerste maaltijd van de dag zo dat die niet vlak voor een intensieve training valt. Voor veel mensen werkt het beter om de zwaarste maaltijd ná de zware training te leggen.

Wat je meet

Bloedwaarden vertellen je niet of je darm doorlaatbaar is. Ze vertellen wel iets over de gevolgen en over de omstandigheden waarin je darm moet herstellen. Dit zijn de waarden die bij terugkerende darmklachten en veel ziek zijn de moeite waard zijn:

  • hs-CRP: laboratoriumreferentie tot 5 mg/L, functioneel onder 1 mg/L. Een waarde die structureel tussen 1 en 3 hangt zonder infectie past bij laaggradige ontsteking. Meet niet vlak na een zware training of wedstrijd, want dan meet je die.

  • Ferritine: bij vrouwen laboratoriumreferentie vanaf 15 µg/L, functioneel 50 tot 150. Bij mannen laboratoriumreferentie 30 tot 400, functioneel 30 tot 200. Ferritine stijgt bij ontsteking, dus lees hem altijd samen met hs-CRP.

  • Vitamine D: laboratoriumreferentie vanaf 50 nmol/L, functioneel 75 tot 120 nmol/L. Relevant voor de barrièrefunctie en voor het immuunsysteem.

  • Zink en B12: ondersteunende waarden bij darmklachten, omdat opname in de darm plaatsvindt en tekorten het herstel van slijmvlies raken.

De samenhang tussen ontsteking en ijzer is belangrijk. Ontsteking verhoogt hepcidine, en hepcidine remt de opname van ijzer uit de darm en het vrijmaken van ijzer uit voorraden. Daarnaast kan darmschade zelf bloedverlies geven. Wie hard traint, laaggradige ontsteking heeft en darmklachten, kan daardoor ijzer blijven verliezen terwijl de inname op papier klopt. Dat werken we uit in de gids over ferritine en ijzer bij sporters. Hoe je hs-CRP interpreteert staat in het stuk over laaggradige ontsteking meten, en wat chronische ontsteking met je prestatie doet lees je in het stuk over laaggradige ontsteking als rem op je sportprestatie.

Wanneer je naar de huisarts gaat

Alles hierboven gaat over klachten die samenhangen met inspanning en voeding. Een aantal signalen hoort thuis bij de huisarts en niet bij een voedingsplan:

  • Bloed bij de ontlasting, of zwarte ontlasting.

  • Ongewild gewichtsverlies.

  • Klachten die je 's nachts wakker maken.

  • Klachten die ook in rust doorgaan, los van training.

  • Koorts in combinatie met darmklachten.

  • Klachten die aanhouden nadat je je voeding en je training hebt aangepast.

  • Aanhoudende bloedarmoede of een ferritine die blijft dalen ondanks aanpassingen.

Coeliakie, lactose-intolerantie, prikkelbaredarmsyndroom en inflammatoire darmziekten worden door een arts vastgesteld, met de bijbehorende diagnostiek. Belangrijk detail: laat je op coeliakie testen vóórdat je gluten weglaat, omdat de test anders onbetrouwbaar wordt. Begeleiding op voeding en training loopt naast medische zorg, niet in plaats daarvan.

Valkuilen

  • Ibuprofen voor de start. Het lijkt slim tegen verwachte pijn en het vergroot de darmschade aantoonbaar. Vóór en tijdens een race af te raden.

  • Een nieuw product op de racedag. De gel uit het startpakket, het merk van de organisatie, de smaak die je nog nooit hebt geprobeerd. Test alles weken van tevoren.

  • Vezelrijk eten de avond ervoor. De volkoren pastaschotel met bonen en broccoli is een uitstekende maaltijd op een willekeurige dinsdag en een slechte keuze twaalf uur voor de start.

  • Overdrinken. Grote volumes ineens vertragen de maaglediging en geven een klotsende maag. Verdeel over kleine slokken op vaste momenten.

  • Laag-FODMAP als dagelijkse voeding. Op de lange termijn beroof je je darmflora van haar brandstof. Gebruik het als tijdelijk instrument rond wedstrijden of tijdens een geleide testperiode.

  • Probiotica als eerste stap. Slaap, energie-inname, vezelvariatie, timing van maaltijden en getrainde darmtolerantie leveren meer op. Een supplement komt daarna, met een reden.

  • Alleen naar de racedag kijken. Als je darm elke dinsdagavond na de intervaltraining opspeelt, is dat dezelfde informatie als op de wedstrijddag. Gebruik die.

Wat wij ermee doen

Wij behandelen darmklachten als een prestatie- en herstelvraag, in samenhang met de rest. Dat betekent dat we eerst in kaart brengen wanneer klachten optreden, bij welke intensiteit en duur, bij welk weer, na welke maaltijd en na welke nacht. Dat patroon geeft meestal binnen twee weken al richting.

Daarna werken we aan drie lagen tegelijk. De trainingslaag: intensiteitsverdeling, de opbouw van lange duurtrainingen, en het bewust trainen van de darm met wat je op de wedstrijddag gebruikt. De voedingslaag: het eetraam, de vezelinname buiten wedstrijdperiodes, de tijdelijke aanpassing eromheen, en de vraag of tarwe of zuivel bij jou meespelen. De herstellaag: slaap, energiebeschikbaarheid en stressbelasting, want een darmwand herstelt met energie, eiwit en rust. De kPNI-blik die we daarbij gebruiken staat beschreven op onze pagina over orthomoleculaire therapie.

Waar nodig kijken we naar bloedwaarden zoals hs-CRP, ferritine en vitamine D, en lezen we die in samenhang met je trainingsbelasting in plaats van als losse getallen. Werk je toe naar een wedstrijd met veel wisselingen tussen loop- en krachtblokken, dan sluit dat aan bij onze hybrid racing-begeleiding. Wil je vooral energiek blijven en gezond ouder worden zonder wedstrijddoel, dan past de longevity-baan beter.

Herken je jezelf hierin en wil je weten waar bij jou de winst zit? Plan een kennismaking van 15 minuten en dan kijken we samen naar je patroon.

Verder lezen

Wil je weten waarom je precies op dat ene punt in de race naar de kant moet en wat je eraan verandert, lees dan het stuk over lopersdiarree en maagklachten tijdens een race. Daarin sorteren we klachten per patroon en koppelen we elk patroon aan een concrete aanpassing.

Twijfel je of een supplement zin heeft, dan geeft het overzicht over probiotica en het microbioom bij sporters je de stand van het onderzoek, inclusief wat stamspecifiek betekent en hoe je een keuze onderbouwt.

Ben je in trainingsblokken structureel verkouden, kijk dan naar het stuk over steeds ziek zijn na hard trainen, waarin de darm-immuunverbinding en de nuance rond de open window aan bod komen.

Voor de praktische invulling van de laatste dagen voor een wedstrijd is er het schema in het stuk over vezels en FODMAP's in de dagen voor je race, inclusief hoe je daarna weer opbouwt.

Samenvatting

  • Bij hoge intensiteit kan de doorbloeding van je darm met 60 tot 80 procent afnemen; darmcellen krijgen minder zuurstof, de darmwand wordt doorlaatbaar en er ontstaat een ontstekingsreactie. Van Wijck en collega's (2011) lieten dat zien bij gezonde mannen na een uur fietsen op 70 procent van hun maximale vermogen.

  • 30 tot 50 procent van de duursporters heeft klachten, bij ultralopen 60 tot 90 procent. Hardlopen geeft meer onderklachten door het schokken; bovenklachten spelen bij hardlopen en fietsen.

  • De grootste versterkers zijn intensiteit, duur boven twee uur, hitte, uitdroging, een zware maaltijd te kort voor de start, een te geconcentreerde drank en NSAID's.

  • Je darm is trainbaar: gebruik in de weken vooraf tijdens sleuteltrainingen exact wat je op de racedag gebruikt, houd de drankconcentratie onder ongeveer 8 tot 10 procent en combineer glucose met fructose.

  • Beperk vezels, vet en gasvormende voeding de laatste 24 tot 48 uur en eet de racemaaltijd één tot vier uur vooraf. Laag-FODMAP is een tijdelijk instrument; daarna gaan vezels weer omhoog richting 30 tot 40 gram per dag.

  • Bloed bij de ontlasting, ongewild gewichtsverlies, nachtelijke klachten, koorts of klachten die in rust doorgaan horen bij de huisarts.

Veelgestelde vragen

Waarom moet ik tijdens het hardlopen ineens naar de wc?

Drie dingen komen samen. Je darm krijgt fors minder bloed, waardoor de barrièrefunctie tijdelijk verslechtert. Het schokken van het lopen belast de darm mechanisch en versnelt de passage. En je stresssysteem verandert de motoriek van de darm. Komt daar nog restmateriaal bij van een vezelrijke maaltijd of een te geconcentreerde drank, dan wordt aandrang bijna onvermijdelijk. De aanpak zit in de 24 tot 48 uur vooraf, in de timing van je laatste maaltijd en in een beheerst tempo in de eerste kilometers.

Helpt het om met een lege maag te starten?

Voor korte inspanningen tot ongeveer een uur kan dat prima werken en het lost bovenklachten vaak op. Voor langere inspanning kost het je brandstof en meestal ook tempo. Beter is een lichte, koolhydraatrijke maaltijd met weinig vezels en weinig vet, één tot vier uur voor de start, die je in training hebt getest op precies dat tijdstip. Wie een eetraam hanteert, plant de zware sessie logisch in de dag zodat er geen volle maag vlak voor de inspanning zit.

Mag ik ibuprofen nemen voor een wedstrijd?

Vóór en tijdens een race is dat af te raden. NSAID's vergroten de darmschade die bij inspanning al ontstaat aantoonbaar, en dat verhoogt de kans op klachten onderweg. Heb je pijn die je met medicatie wilt onderdrukken om te kunnen starten, dan is dat een signaal om eerst de oorzaak te bespreken met je arts of behandelaar.

Helpen probiotica tegen darmklachten bij sport?

Soms, en het hangt af van de stam. De ISSN-positie (Jäger en collega's, 2019) beschrijft dat effecten stamspecifiek en dosisafhankelijk zijn; enkele stammen verminderden in studies de duur en ernst van luchtweginfecties en van maag-darmklachten bij sporters. Het bewijs is bescheiden en een algemene aanbeveling is er niet. Begin met gefermenteerde voeding en een gevarieerde vezelinname. Kies je toch een supplement, start dan minstens twee tot vier weken voor een evenement zodat je weet hoe je reageert.

Hoe lang van tevoren moet ik eten?

Één tot vier uur, afhankelijk van de grootte van de maaltijd en van jouw maaglediging. Grote maaltijd: vier uur. Klein en vloeibaar: één tot anderhalf uur. De enige manier om jouw getal te vinden is het herhaald testen in training, in wedstrijdtempo, met exact hetzelfde eten. Noteer wat je at, hoe laat, en hoe je je in de eerste twintig minuten voelde.

Is een lekkende darm iets echts of een marketingterm?

De tijdelijke toename van darmdoorlaatbaarheid bij inspanning is gemeten en beschreven in wetenschappelijke literatuur, onder andere door van Wijck en collega's (2011) en in de review van Costa en collega's (2017). Dat is iets anders dan de manier waarop de term soms wordt gebruikt om allerlei klachten te verklaren. Wat vaststaat: bij hoge intensiteit, hitte en lange duur wordt de barrière tijdelijk minder dicht en herstelt die daarna, mits je genoeg energie, eiwit en slaap hebt.

Wanneer moet ik hiermee naar de huisarts?

Bij bloed bij de ontlasting, ongewild gewichtsverlies, klachten die je 's nachts wakker maken, klachten die in rust doorgaan, koorts, of klachten die aanhouden nadat je je voeding en training hebt aangepast. Coeliakie, lactose-intolerantie, prikkelbaredarmsyndroom en inflammatoire darmziekten worden door een arts vastgesteld. Laat een coeliakietest doen vóórdat je gluten weglaat.

Bronnen

  1. Costa RJS e.a. Systematic review: exercise-induced gastrointestinal syndrome, implications for health and intestinal disease. Alimentary Pharmacology and Therapeutics, 2017;46:246-265. Bekijk de studie
  2. de Oliveira EP, Burini RC, Jeukendrup A. Gastrointestinal Complaints During Exercise: Prevalence, Etiology, and Nutritional Recommendations. Sports Medicine, 2014;44(Suppl 1):79-85. Bekijk de studie
  3. van Wijck K e.a. Exercise-Induced Splanchnic Hypoperfusion Results in Gut Dysfunction in Healthy Men. PLoS ONE, 2011;6:e22366. Bekijk de studie
  4. Jeukendrup AE. Training the Gut for Athletes. Sports Medicine, 2017;47(Suppl 1):101-110. Bekijk de studie
  5. Lis DM e.a. Low FODMAP: A Preliminary Strategy to Reduce Gastrointestinal Distress in Athletes. Medicine and Science in Sports and Exercise, 2018;50:116-123. Bekijk de studie
  6. Jäger R e.a. International Society of Sports Nutrition Position Stand: Probiotics. Journal of the International Society of Sports Nutrition, 2019;16:62. Bekijk de studie
  7. Nieman DC, Wentz LM. The compelling link between physical activity and the body's defense system. Journal of Sport and Health Science, 2019;8:201-217. Bekijk de studie
  8. Pugh JN e.a. Gastrointestinal symptoms in elite athletes: time to recognise the problem? British Journal of Sports Medicine, 2018;52:487-488. Bekijk de studie

Bekijk ook onze video's

Passend bij dit onderwerp.

ShortVoeding & fasting

Eten veroorzaakt een ontsteking in je lichaam (en dit bepaalt hoe erg dat is)

Elke keer dat je eet, reageert je immuunsysteem met een kleine ontsteking — de zogeheten postprandiale ontstekingsreactie. Coach Jan Willem legt uit waarom dit gebeurt, wat voeding daarmee te maken heeft, en waarom de optelsom van je eetmomenten uiteindelijk bepalender is dan één enkele maaltijd.

ShortHRV & herstel

4 slaaptips die echt werken | Energie by Design

4 simpele aanpassingen voor betere slaap — ook als je gewoon naast elkaar blijft slapen:

Alle video's →
Lost training het niet op?

Dan begint het bij je bloedwaarden

Aanhoudende vermoeidheid, traag herstel of klachten die je schema niet verklaart, hebben meestal een fysiologische oorzaak: je ijzerstatus, je ontstekingsniveau, je schildklier, je darm. Jan Willem zoekt die als orthomoleculair therapeut, in drie stappen die elk klein zijn.

STAP 1

Je waarden zien, gratis

Upload je uitslag en zie elke waarde op het labbereik en het functionele bereik.

STAP 2

De duiding, €129

Eén rapport in gewone taal met de samenhang en een plan in fases, nagekeken door een therapeut.

STAP 3

De Deep Dive, €250

Intake, je uitslag en een gesprek van 60 tot 90 minuten waarin je je behandelplan krijgt.

Zo werkt orthomoleculaire therapie voor sportersOf begin met je uitslag bij Insight by Design →
Longevity

Wil je de controle over je gezondheid, gewicht en energie terugpakken?

Voor wie 's middags instort, traag herstelt of merkt dat afvallen niet meer werkt zoals vroeger. We zoeken uit waar dat vandaan komt, zodat jij de controle over je gezondheid, je gewicht en je energie terugpakt.

Bekijk LongevityLiever eerst even praten? Plan een gratis kennismaking