Durability: de vierde prestatiemaat
Sportwetenschappers stellen naast zuurstofopname, drempel en loopeconomie een vierde eigenschap voor: durability, het vermogen om die drie op peil te houden terwijl de vermoeidheid oploopt. Atleten met gelijke testwaarden op verse benen blijken daarin sterk te verschillen.
Een reviewartikel; het concept is in ontwikkeling en er bestaat nog geen standaardtest (Maunder e.a., 2021).
Hardlopen bepaalt de klassering
Een analyse van ongeveer veertigduizend HYROX-uitslagen van PRO- en ELITE-atleten liet zien dat hardlopen consistent ongeveer de helft van de totale racetijd uitmaakt en de klassering het sterkst bepaalt.
Uitslagenanalyse op PRO- en ELITE-niveau, geen trainingsstudie; verhoudingen bij amateurs kunnen afwijken (Rappelt e.a., 2026).
Wat een hybride race fysiologisch vraagt
In de tot nu toe enige meetstudie tijdens een volledige racesimulatie hing de eindtijd het sterkst samen met de maximale zuurstofopname, het wekelijkse duurvolume en het vetpercentage. Lactaat en ervaren zwaarte piekten bij het laatste station, de wall balls.
Elf deelnemers, en er werd niets gemeten aan voeding of brandstofgebruik (Brandt e.a., 2025).
Glycogeen in de snelle spiervezels
Bij herhaald hoogintensief werk raakte de glycogeenvoorraad pal naast het contractieapparaat in de snelle spiervezels het eerst leeg: na het eerste blok al 72 procent lager, tegen 45 procent in de langzame vezels. Lage lokale voorraden gaan samen met minder calciumafgifte en minder spierkracht.
Laboratoriumonderzoek bij intermitterend werk; de onderzoekers geven aan dat het directe oorzakelijke verband nog niet vaststaat (Vigh-Larsen e.a., 2022; Ørtenblad e.a., 2013).
Nuchter of koolhydraatarm trainen
Een meta-analyse van negen trainingsstudies naar periodiek koolhydraatarm trainen vond samengenomen geen meetbaar effect op prestatie. Het bijbehorende raamwerk adviseert de koolhydraatinname af te stemmen op de eisen van de sessie.
Kleine studies, vrijwel volledig bij mannen uitgevoerd (Gejl & Nybo, 2021; Impey e.a., 2018).
Herstel meten met HRV
Hartritmevariabiliteit wordt gebruikt als index van hoe goed je zenuwstelsel reguleert. Lage waarden hangen samen met aanhoudende stress en een systeem dat moeilijk terugschakelt.
Normwaarden verschillen sterk per persoon en meetmethode; vergelijk alleen met je eigen eerdere waarden (Thayer & Lane, 2000; Shaffer & Ginsberg, 2017).